De authentieke en tijdloze wereld van Ralph Lauren
november 2025
RL/Cultuur

Schrijvers van de prairie

Vijf auteurs die het westerngenre transformeerden van pulp tot moderne epos vol tragedie en romantiek.
Door Will Blythe
Fictie schrijven is meestal een avontuur op zich – en reizen door het Amerikaanse Westen blijkt vaak de ultieme inspiratiebron voor dat schrijverschap. Zo lijkt in ieder geval te gelden voor de volgende vijf briljante, inmiddels overleden schrijvers: Jim Harrison, Denis Johnson, Charles Portis, Larry McMurtry en Cormac McCarthy – die allemaal in of nabij het Westen woonden, er keer op keer doorheen trokken, en vervolgens buitengewone verhalen schreven over getergde personages die zich een weg baanden door het Westen. Hoewel deze auteurs allemaal in het afgelopen decennium zijn overleden, blijft hun literatuur springlevend, meeslepend en een onuitputtelijke bron aan leesplezier. Voor schrijvers en inwoners was (en ís) het leven in het Amerikaanse Westen alsof ze in een nieuw, eigen land leefden, met weinig tot geen wetten. Sterker nog, het Westen heeft vaak wat weg van een recent ontdekte planeet, ongegeneerd fysiek uitdagend en anti-historisch. De Amerikaanse overheid voelde voor veel inwoners van het Westen vaak ver weg, minder betuttelend dan in de rest van het land en bijna afwezig in tegenstelling tot het uitgestrekte landschap met bergen, tafelbergen, woestijnen, bossen, vlaktes, kliffen, canyons, rivieren, bekkens en de open hemel.
AVONTUREN IN HET ZADEL
Anjelica Huston en Robert Duvall in de televisieminiserie Lonesome Dove uit 1989, gebaseerd op de roman van Larry McMurtry. De serie domineerde de awards dat jaar en won 18 Emmy’s – waaronder twee voor de acteerprestaties van Huston en Duvall.
Voor de in 2016 overleden Jim Harrison had de inheemse bevolking van essentiële invloed op dit landschap. Hij bewonderde hen deels omdat hij vond dat ze “zich een leven lang lieten leiden door de natuurlijke wereld om te overleven.” Harrison schreef: “Zoals de Sioux-indianen vroeger zeiden: ‘Wees moedig, de aarde is alles wat overblijft.’” Decennialang leefde hij in zijn eigen versie van die wereld, in Livingston, Montana, en Patagonia, Arizona. Ik heb Jim in de loop der jaren leren kennen, en op een dag schreef hij me dat zijn beste leven op dat moment bestond uit “forel vangen vanaf een visserssloep in Montana.” Zijn roman Dalva vertelt het verhaal van een vrouw die deels Sioux is en die verliefd wordt op een man met een vergelijkbare achtergrond. En Harrisons novelle Legends of the Fall, later verfilmd tot een intrigerende film, is een van de klassieke Western-verhalen. Het verhaal begint in de afgelegen wildernis van Montana aan het begin van de twintigste eeuw en volgt een vader en zijn drie zoons die alle drie verliefd worden op dezelfde vrouw. De broers worden naar het front in Europa gestuurd om tijdens de Eerste Wereldoorlog tegen Duitsland te vechten – slechts twee van hen overleven het – waarna ze terugkeren naar het noorden van Montana waar ze een zwaar bestaan blijven leiden.
In de woorden van Larry McMurtry is het lastig om “de plank mis te slaan als je uitvoerig over het Oude Westen schrijft – nog altijd het fantoombeen van de Amerikaanse psyche.”
Net als die personages bracht mijn vriend Denis Johnson, dichter en schrijver van fictie en non-fictie – die voor ons bij Esquire onbevreesde en aangrijpende stukken schreef – vele jaren door in het verre Westen. In 1989 verhuisde hij, met hulp van zijn goede vriend, de kunstenaar Sam Messer, naar het noorden van Idaho. Het jaar ervoor begonnen Denis en ik regelmatig met elkaar om te gaan en werkten we ook samen. Cindy, zijn vrouw, vertelde me recent: “Californië was zijn droom, maar hij verbande zichzelf naar Idaho – een compromis voor hem. Desondanks hield hij van het Westen. Hij reisde naar elke plek van die wereld. Hij beklom elk pad, elke berg – drie bergketens in Idaho. Zijn liefde voor de wildernis van het Westen was onvoorwaardelijk. Hij omarmde het. Hij hield van bewegen, van avontuur. Het was duidelijk dat we er niet écht thuishoorden, maar we vonden het desalniettemin geweldig.” Net als Denis en Cindy belandt Robert Grainier, de hoofdpersoon uit Denis’ prachtige novelle Train Dreams, ook in het noorden van Idaho, waar hij van het begin van de 20ste eeuw tot de jaren 60 woont. Het lukt de houthakker maar met vlagen om zich aan te passen aan de wereld om zich heen, gekweld door het verlies van zijn vrouw en dochter die om het leven kwamen bij de brand die hun huis in het bos verwoestte. Hij reist echter wél door het Westen (net als zijn auteur): langzaam rollend over treinrails, mee in auto's en één keer als passagier in een dubbeldekker vliegtuig. Op latere leeftijd probeert hij nog naar de Grote Oceaan af te reizen – maar ziet de oceaan zelf nooit. Train Dreams, dat gepubliceerd werd in 2011, zes jaar voor Denis' overlijden, is recent verfilmd en komt in november uit.
In True Grit, de wraaklustige maar humoristische roman van Charles Portis, worden ook veel omzwervingen gemaakt. Het begint met een terugblik van de hoofdpersoon Mattie Ross op haar veertienjarige zelf (in 1878), toen ze wanhopig op zoek was naar de man die haar vader had vermoord in het Wilde Westen – in het Indianenterritorium. Ze vraagt sheriff Rooster Cogburn, geen gemakkelijke bondgenoot, om haar te helpen de moordenaar te vinden. Er zijn twee schitterende verfilmingen gemaakt van True Grit. Portis publiceerde de roman in 1968, nadat hij was teruggekeerd naar Arkansas, waar hij opgroeide. Voordat hij fictie begon te schrijven, was hij verslaggever in het zuiden van de VS voor de New York Herald Tribune en bracht hij een jaar door in Londen als hoofdredacteur van de krant. Ondanks zijn succes als journalist liet hij dat drukke bestaan graag achter zich en schreef hij zijn ontroerende, humoristische fictie in een aangenaam teruggetrokken leven. In 2020 overleed hij aan de ziekte van Alzheimer.
WESTERNAUTEURS
Met de klok mee, van linksboven: Cormac McCarthy, gefotografeerd in 1973. In het begin van de jaren 90 deden geruchten de ronde dat McCarthy, een notoire kluizenaar, onder een boortoren in het westen van Texas zou wonen. “Nou, nóg niet,” meldde hij de schrijver van dit verhaal; Larry McMurtry, auteur van Lonesome Dove, in 1978 gefotografeerd in Booked Up, zijn boekwinkel in Georgetown. Tien jaar later opende McMurtry een tweede vestiging in zijn geboorteplaats Archer City, Texas; Jim Harrison, thuis gefotografeerd in Livingston, Montana, in 2013. Harrison omschreef zijn beste leven als “forel vangen vanaf een visserssloep in Montana.”
WESTERNAUTEURS
Met de klok mee, van linksboven: Cormac McCarthy, gefotografeerd in 1973. In het begin van de jaren 90 deden geruchten de ronde dat McCarthy, een notoire kluizenaar, onder een boortoren in het westen van Texas zou wonen. “Nou, nóg niet,” meldde hij de schrijver van dit verhaal; Larry McMurtry, auteur van Lonesome Dove, in 1978 gefotografeerd in Booked Up, zijn boekwinkel in Georgetown. Tien jaar later opende McMurtry een tweede vestiging in zijn geboorteplaats Archer City, Texas; Jim Harrison, thuis gefotografeerd in Livingston, Montana, in 2013. Harrison omschreef zijn beste leven als “forel vangen vanaf een visserssloep in Montana.”
Larry McMurtry’s meesterwerk Lonesome Dove speelt zich net als True Grit af in de jaren 70 van de 19de eeuw. “Je kunt de plank haast niet misslaan als je uitvoerig over het Oude Westen schrijft – nog altijd het fantoombeen van de Amerikaanse psyche,” stelde McMurtry in 2000. Dat fantoombeen beleefde en verwoordde hij duidelijk in zijn roman Lonesome Dove, waarin twee voormalige, geharde Texas Rangers duizenden runderen van Texas naar het territorium Montana drijven. Terwijl ze naar het noorden trekken, worden ze opgeslokt door een westernwereld vol moord, verkrachting, beroving en executie. Uiteindelijk krijgen ze allebei waardering voor de schoonheid van Montana, maar dan wordt de een door de pijl van een Indiaan geraakt en sterft later aan de complicaties. De ander overleeft de tocht en brengt het lichaam terug naar het zuiden – naar Texas. Dat is ook de staat waar McMurtry, gepassioneerd schrijver, fervent lezer en bevlogen eigenaar van een boekenwinkel, geboren werd en het grootste deel van zijn leven doorbracht – hoewel hij in Arizona is overleden in 2021. In elk van deze verhalen over het Wilde Westen wordt veel gezworven en gestorven. Er komt ook veel mysterie in voor in combinatie met beschrijvingen van het gigantische en betoverende landschap, waar – zeker in deze verhalen – nog bijna niemand woont en er geen sprake is van een uitdijende populatie. Neem bijvoorbeeld Cormac McCarthy's boek Blood Meridian, or The Evening Redness in the West, dat in 1985 uitkwam. Toen McCarthy het boek schreef, was hij geobsedeerd door het zuidwesten, nadat hij van Tennessee naar Texas was verhuisd, en later naar New Mexico, waar hij in 2023 overleed. In 1992 hebben Cormac en ik samen nog hard gelachen om het legendarische gerucht dat hij in het westen van de staat onder een boortoren zou wonen. “Nou, nóg niet”, zei hij grinnikend tegen mij. Zijn hoofdpersoon in Blood Meridian, een tiener met de bijnaam 'the Kid', verhuist net als zijn auteur van Tennessee naar Texas, waar hij zich – in het geval van het personage – in de 19de eeuw aansluit bij gewelddadige bendes die inheemse Amerikanen en Mexicanen aanvallen, terwijl ze zelf ook worden aangevallen. Hij trekt soms op met de mysterieuze en vaak wrede Judge Holden, die hun omgeving als onvermijdelijk barbaars beschouwt. Sterker nog, bijna alle personages, die zelf zowel meedogenloos als doodsbang zijn, worstelen voortdurend met de vraag hoe ze kunnen overleven, waar ze veilig zijn, en wie – naast henzelf – ook het 'recht' heeft om te overleven. Het is interessant dat het spannende mysterie in Blood Meridian over de aard van moraliteit – dat zich steeds in natuurlijke omgevingen ontplooit – een belangrijke rol speelt in alle boeken die hier staan beschreven.
Het lezen van al deze boeken die zich in het Amerikaanse Westen afspelen, is op zichzelf al vaak een avontuur. En de passie van lezers voor dergelijke visies op het Westen leidt hen vaak vanzelf naar andere auteurs, zowel levend – zoals Annie Proulx, Marilynne Robinson, Richard Ford en Tom McGuane – als overleden – zoals Willa Cather, Vladimir Nabokov, Wallace Stegner en John Williams. Hun visies op het Westen, uitgesmeerd over vele decennia, hebben opvallend veel overeenkomsten met die van de vijf hierboven genoemde schrijvers.
OVER DE PRAIRIE
Helemaal links: Richard Ford, gefotografeerd in 2018. Romans als Rock Springs en Wildlife worden vaak aangeduid als Fords 'Montana-werken'; Willa Cather, gefotografeerd in 1920. Cather groeide op in Nebraska als kind van kolonisten en schreef vaak over het leven op de prairie.
OVER DE PRAIRIE
Helemaal links: Richard Ford, gefotografeerd in 2018. Romans als Rock Springs en Wildlife worden vaak aangeduid als Fords 'Montana-werken'; Willa Cather, gefotografeerd in 1920. Cather groeide op in Nebraska als kind van kolonisten en schreef vaak over het leven op de prairie.
In boek na boek, verhaal na verhaal, decennium na decennium lijkt er een blijvende fascinatie te zijn voor het landschap en de emotionele invloed ervan op de mensen die er wonen of erdoorheen reizen. Zo beschrijven Cormac McCarthy en Willa Cather in hun romans – precies zestig jaar uit elkaar – personages die vol passie en intensiteit naar tafelbergen kunnen staren. Inderdaad, tafelbergen. In Blood Meridian beschrijft McCarthy een bende bandieten: “’s avonds bereikten ze het plateau van een tafelberg die uitkeek over het hele land naar het noorden. ... Op de kale tafelberg sloeg het droge onkruid op en neer in de wind als de echo's van lansen en speren uit vervlogen gevechten die door niemand ooit waren vastgelegd.” Dit tafereel speelt zich af nabij de Animas-bergen, die op een dag bij New Mexico zouden horen. Op vergelijkbare wijze bevat Cather's roman The Professor’s House, precies honderd jaar geleden gepubliceerd in 1925, een adembenemend hoofdstuk over Tom Outland, een voormalige student van de professor, die een steile tafelberg in New Mexico beklimt, zijn blik over het landschap laat dwalen en er uiteindelijk aan verknocht raakt. Daar ontdekt hij een oude, verborgen nederzetting, gebouwd door inheemse Amerikanen. “Weer had ik dat glorieuze gevoel dat ik nergens anders ooit heb gehad,” zegt Outland. “Het gevoel op de tafelberg te staan, in een wereld boven de wereld.” Ja, inderdaad – een wereld bóven de wereld! Dat is blijkbaar de aard van het Amerikaanse Westen, zoals al deze fantastische schrijvers het zagen, zoals hun personages het beleefden, en zoals hun lezers het ook nu nog ervaren. En naar alle waarschijnlijkheid geldt dat ook voor alle bewoners van het Westen.

WILL BLYTHE, voormalig literair redacteur bij Esquire, is schrijver van de New York Times-bestseller To Hate Like This Is to Be Happy Forever en zijn fictie is gepubliceerd in The Best American Short Stories.