Georgia O'Keeffe kreeg een zenuwinzinking toen ze 45 was. De kunstenares, die bekend staat om haar grote, kleurrijke bloemen, had al bijna een jaar niet meer geschilderd en had de deadline gemist voor haar belangrijkste opdracht tot op dat moment, een muurschildering in de Radio City Music Hall. Om de dingen nog erger te maken, had haar man – de fotograaf Alfred Stieglitz – een affaire.
Op een historisch dieptepunt had ze meer nodig dan een vakantie. Ze moest er helemaal tussenuit. Dus besloot O'Keeffe in 1933 naar Bermuda te zeilen. Op slechts 1250 km van de kust van New York City, te midden van de Atlantische Oceaan – vaak verward met de Caraïben – checkte ze in bij een afgelegen bungalow.
Net buiten haar deur bloeiden dezelfde roze en gele hibiscusbloemen die ze later op Hawaï zou schilderen en waarvoor ze ongekende lof zou ontvangen. Maar O'Keeffe was nog niet in de stemming voor kleuren. Tijdens haar twee jaar durende afzondering op Bermuda, richtte ze zich op de complexe wortelstelsels van de banyanbomen op het eiland, waarbij ze via grafiettekeningen vorm gaf aan hun verstrengelde vormen. Tegenwoordig hangen twee van deze kleinschalige schetsen in het Masterworks Museum of Bermuda Art, vanwaar de bezoeker op passende wijze uitkijkt over de Bermuda Botanical Gardens.
Bermuda's ongerepte schoonheid, vrij van commerciële toeristische attracties, was toen en is nu een zeldzaamheid in de wereld van luxe reizen. Het eiland – mysterieus en verleidelijk dankzij de geïsoleerde ligging – prikkelt de zintuigen al sinds lange tijd en heeft een positieve invloed op de creativiteit..
“Ga maar naar de hemel als je wilt, ik blijf liever hier op Bermuda”, zei Mark Twain in 1867 tijdens een terugreis van een vijf maanden durende excursie naar de Zwarte Zee. Twains laatste stop voor New York was het eiland dat in 1505 door de Spanjaarden werd ontdekt en wat een jaar later door de Britten gekoloniseerd zou worden. “Bermuda was een paradijs, maar je moet door een hel gaan om er te komen”, schreef hij over het geïsoleerde eiland van 54 vierkante kilometer, dat hem desondanks teruglokte voor langdurige ontsnappingen gedurende de rest van zijn leven..
Fast-forward naar vandaag de dag en u zult ontdekken dat reisconnaisseurs nog steeds de voorkeur geven aan Bermuda boven de eilanden die overspoeld worden door enorme vakantieresorts. En net zoals dat voor Twain en O'Keeffe het geval was, zijn de afgelegen schoonheid en de ingetogen aantrekkingskracht precies dat wat ervoor zorgt dat men terugkomt.
Kenmerkend voor dat gevoel is de Coral Beach & Tennis Club – een plaatselijke club waar alleen leden toegang hebben en waar het 'lost in time'-bestaan wordt omarmd. Sinds de oprichting in 1948 is er niet veel veranderd op de klassieke plek. Witte tenniskleding is verplicht op de gravelbanen, rum swizzles worden gedronken onder door de zon gebleekte, geel gestreepte parasols, croquet wordt op het grasveld aan de voorzijde gespeeld en mannen zijn verplicht om bij het diner formele bermudakleding te dragen (blazer, bermuda shorts en wollen kniekousen). Het verweerde smeedijzeren tuinmeubilair, de vervaagde, gebloemde banken bekleed met ambachtelijk beschilderde stoffen, en de gepatineerde roze gevel maken allemaal deel uit van de ouderwetse, preppy charme.
Hoewel het eiland de uitvalsbasis is van Amerikaanse dynastieën zoals de Johnsons, Bloombergs en Perots en een hub voor herverzekeringen en offshore-financieringen, zult u op Bermuda geen ketens als Starbucks, CVS of Uber vinden. Zelfs een Amazon-bezorging is opzettelijk ingewikkeld om lokaal winkelen te bemoedigen. Het gebrek aan gemak frustreert sommigen, maar het berust allemaal op een gecalculeerde inspanning om de schoonheid van de natuur te behouden.
“Bermuda heeft de boot op internationale roem niet misgelopen, het is allemaal met opzet zo gedaan”, zegt Colin Campbell, een architect op Bermuda voor het lokale bedrijf OBMI. Campbell geeft aan dat er in het begin van de 20ste eeuw wetten werden aangenomen die het verboden maakten om neonreclames en alle andere borden buiten te voorzien van letters die groter waren dan 38 cm. “Als gevolg daarvan bestaat er hier een mate van discretie.”
Wat uiteindelijk wetten werden, begon uit noodzaak bij de vindingrijke vroege kolonisten die de natuurlijke materialen van het eiland gebruikten om de straten en huizen te bouwen die er vandaag de dag nog steeds staan. “We bevinden ons in de middle of nowhere, dus we moesten wel doorontwikkelen en onze cultuur creëren”, zegt lokale historicus Kristin White, die een boekwinkel runt in een gebouw uit ongeveer de jaren 1750 aan Water Street in St. George's.
De elementen van een traditioneel huis op Bermuda zijn gebouwd om de tand des tijds te doorstaan, van de funderingen en muren – die uit lokale kalksteen met de bijnaam koraal zijn gekapt (sterk genoeg om eeuwenlang orkanen te weerstaan) – tot de witte, trapsgewijze daken die zijn ontworpen om zoet regenwater op te vangen en op te slaan.
Met het oog op behoud zet Bermuda's National Trust zich in om de verweerde, pastelkleurige huisjes te behouden die synoniem staan aan de esthetische waarden van het eiland. Sterker nog, ze staan nog steeds in zulke groten getale stevig overeind dat twee decennia geleden de hele stad St. George's tot UNESCO-werelderfgoed is uitgeroepen. “De geschiedenis zit niet in de vitrine of aan een koord, je loopt langs en door de eeuwenoude panden die stuk voor stuk hun verhalen vertellen”, aldus White.
In zijn boek Some Rambling Notes of an Idle Excursion, vatte Twain de verleidelijke charme van het eiland samen: “Bermuda is het juiste land voor een uitgeputte man om te 'lummelen'”, schreef hij. “Er zijn geen kranten, geen telegrammen, geen mobieltjes, geen trolleys, geen trams, geen zwervers, geen spoorwegen, geen theaters, geen lawaai, geen lezingen, geen rellen, geen moorden, geen branden, geen inbraken, geen politiek...”. Zoals met zoveel van Twains befaamde scherpe observaties, blijft ook dit sentiment overeind.
- FOTO'S VIA GETTY IMAGES
- © Ralph Lauren Corporation



