De authentieke en tijdloze wereld van Ralph Lauren

Trailblazer

Bergbeklimmer Bradford Washburn beklom niet alleen enkele van de meest angstaanjagende toppen van Alaska – hij fotografeerde ze ook, met een verbluffend resultaat

Hangend uit een vliegtuig op ruim 4,5 km hoogte, van kop tot teen gekleed in een geïmproviseerd pak van schapenbont en een met bont gevoerd hoofddeksel, en met een want aan de ene hand en een handschoen aan de andere zodat hij zijn camera kon bedienen, riskeerde de onverschrokken bergbeklimmer en outdoorfotograaf Bradford Washburn zijn leven voor de perfecte foto. Zijn favoriete grootformaatcamera woog ongeveer 24 kg en vereiste dat Washburn de passagiersdeur van het vliegtuig liet verwijderen voordat hij zichzelf aan de romp van het vliegtuig vastknoopte. Dit zodat hij niet zou vallen, terwijl hij de piloot aanwijzingen toeschreeuwde over het gebrul van de motor en het geraas van de wind (het was een voordeel dat Washburn zelf een bekwame vliegenier was). Omdat de vliegtuigen altijd behoorlijk schudden, was het maken van scherpe foto's de allergrootste uitdaging. De oplossing? Washburn bedacht een manier om zijn camera met banden van mesh kruislings vast te zetten, zodat deze bleef zitten als een reuzespin in zijn web. Daarna gaf hij zich over aan het ritme van het heftig schuddende vliegtuig. Later zou hij zeggen dat hij zijn clicks afstemde op de top van het 'stuiteren' van het vliegtuig.

In de jaren 1930-40 waren dit soort angstaanjagende vluchten nodig om de onherbergzaamste bergen van Noord-Amerika op beeld vast te leggen. En er was niemand die ze beter wist vast te leggen dan Washburn.

Bradford Washburn met zijn Fairchild K-6-camera in Valdez, Alaska (1937)
Bradford Washburn met zijn Fairchild K-6-camera in Valdez, Alaska (1937)

Voordat hij professioneel fotograaf werd, wist Washburn – die vier dagen voor zijn 100ste verjaardag in 2007 overleed – zich te onderscheiden als een van de beste klimmers ter wereld. Gedurende zijn lange carrière bedwong hij vele hoge plekken waar nog nooit iemand een voet had gezet en inspireerde hij hele generaties bergklimmers om in zijn voetstappen te treden. Zijn favoriete speelveld was Alaska en de Yukon, waar hij tussen 1933 en 1953 de allereerste beklimmingen registreerde van niet minder dan vijf afgelegen bergtoppen. De energetische, 65 kilo wegende inwoner van Bostonian focuste zijn bergklimmersdromen vooral op de 6194 m hoge Denali. Washburn leidde het eerste team ooit dat de klim naar de hoogste bergtop (toen Mt. McKinley) van Noord-Amerika waagde en legde de route vast die nu, zo'n 70 jaar later, de meest populaire route naar de top is. Het mag duidelijk zijn dat de man een legende is in de wereld van het alpinisme. Maar Washburns erfgoed gaat nog verder. Bij het bedwingen en in kaart brengen van grote bergen heeft hij enkele van de adembenemendste landschapsfoto's van de 20e eeuw gemaakt en niet te vergeten de eerste luchtfoto's van Denali, foto's die iedereen vanuit zijn luie stoel kan waarderen.

Als zoon van een predikant van de Episcopaalse kerk en lid van een oude familie uit Massachusetts, kreeg Washburn zijn eerste camera op tienjarige leeftijd en leerde hij zichzelf fotograferen. Hoewel ze van adel waren, waren zijn ouders niet rijk. Een rijke oom bekostigde zijn verblijf in de kostschool Groton, maar zijn moeder maakte zich zorgen dat haar zoon voor een carrière als gids zou kiezen. Dat was nergens voor nodig. Washburn accepteerde een baan aan Harvard, waar hij les gaf aan het Institute for Geographical Exploration. In 1938 werd hij directeur van een stoffig, onbekend museum in Boston. 40 jaar later, nadat hij het had getransformeerd in het bekende Boston Museum of Science, ging hij met pensioen.

Eén ding dat deze twee banen gemeen hadden, was dat Washburn er een Indiana Jones-waardige levensstijl op na kon houden: professor gedurende het schooljaar en bergbeklimmer die wel van een uitdaging hield in de zomermaanden. Het was tijdens deze weken, als er geen lessen waren, dat hij zijn kenmerkende fotografiestijl ontwikkelde, een werkwijze die 'snel en licht' was, waarmee hij Alaska's legendarische bushpiloten optimaal wist vast te leggen. Om deze unieke kiekjes te maken, zocht hij de grenzen van deze onbevreesde jongens op. Hij haalde hen over hoger te landen dan ze ooit geprobeerd hadden, terwijl ze van alles vervoerden, van de bouwmaterialen voor een éénkamerhut tot een roedel blaffende sledehonden.

En hoewel sommige foto's bijna abstract te noemen zijn, dwaalde Washburns oog nooit ver af van de koude, harde feiten van de rotsen. Zijn iconische composities van rots, sneeuw, licht en schaduw zijn minder emotioneel, maar eerlijker dan de zwart-witfoto's van Ansel Adams, wiens naam vaak genoemd wordt als het werk van Washburn wordt besproken. De twee waren bevriend en hadden respect voor elkaar, ook al gaf Washburn toe dat hij het werk van de kunstenaar nooit zo goed had bestudeerd. Voor Washburn moest alles nut hebben: hij was autodidact en had er geen moeite mee om zijn prestaties op het gebied van ontdekking en wetenschap aan de grote klok te hangen, terwijl hij de artistieke aspecten van zijn werk alles behalve negeerde. Hij gebruikte foto's tijdens lezingen en voor artikelen om fondsen te werven voor zijn expedities, maar hij verkocht geen afdrukken. En hij bestudeerde zijn eigen vlijmscherpe foto's bovendien om de beste route naar de top te bepalen.

Washburn met zijn camera tijdens een expeditie naar Mt. Bertha, Alaska (1940)
Washburn met zijn camera tijdens een expeditie naar Mt. Bertha, Alaska (1940)

Toen Washburn wereldwijd dé autoriteit op het gebied van bergbeklimmen in Alaska werd, kreeg hij vanzelf interessante opdrachten aangeboden. Eén daarvan was het in winterse omstandigheden testen van uitrusting voor de Tweede Wereldoorlog, wat hij deed als lid van een elite adviesteam van de regering waar ook poolreizigers Sir Hubert Wilkins en Vilhjalmur Stefansson deel vanuit maakten. Een andere opdracht kwam van een filmstudio in Hollywood, die hem inhuurde om leiding te geven aan een expeditie waarbij filmmateriaal verzameld zou worden voor de film The White Tower uit 1950. Zoals biograaf David Roberts al zei: Washburn leidde elke expeditie waarop hij ging. Zijn vrouw Barbara ging soms met hem mee. Hierdoor werd ze de eerste vrouw die de Denali en verschillende andere bergtoppen in Alaska beklom.

En hoewel hij een nauwgezette planner was, is het voor Washburn ook wel eens kantje boord geweest. Het dichtst op het randje zat hij tijdens een expeditie op de berg Lucania die hij en zijn partner Bob Bates in 1937 ondernamen; een verbazingwekkende oversteek door onbekend terrein waarbij ze zich met een kapmes 160 km lang een pad moesten banen om weer terug te komen in de beschaving en waarbij ze bijna verhongerden en verdronken. 70 jaar na dato beschreef Roberts dit als: "Waarschijnlijk de moedigste en onwaarschijnlijkste prestatie die bergbeklimmers ooit in het verre Noorden tot een succesvol einde hebben gebracht."

Washburn, die een kleine camera bij zich had als hij te voet was, heeft het laatste deel van die reis niet vastgelegd, omdat hij te druk was met overleven. Eerder, bovenop de Lucania, nam hij echter een foto van zichzelf en Bates. Een foto die hij nam met behulp van een schoenveter. De 'top-of-de-world' sfeer en de triomf straalt van deze prachtige foto met zijn energieke compositie af. Naast al zijn andere fotocredits, kan Washburn aanspraak maken op de titel van de originele selfie op de top een berg.

Darrell Hartman is freelance schrijver uit New York City. Hij is redacteur bij en mede-oprichter van de website Jungles in Paris.
  • AFBEELDINGEN GEBRUIKT MET TOESTEMMING VAN HET MUSEUM OF SCIENCE, BOSTON