In Gee’s Bend, Alabama, krijgt Amerikaanse vindingrijkheid vorm in quilts en de handen die ze maken.
Door Tara Donaldson
Er lijkt weinig bijzonders aan een kind dat onder het quiltframe van haar moeder speelt, doet alsof het een poppenhuis is en dat wegduikt voor de naalden die door de stof schieten. Maar boven het hoofd van Claudia Pettway Charley werd niets minder gedaan dan de eerste steken doorgegeven van de erfenis van haar geboorteplaats. En haar gemeenschap hielp die erfenis op te bouwen, patch voor patch.Gee's Bend ligt in een bocht van de Alabama River, bijna twee uur rijden van Montgomery, langs county highways waar groene velden slechts af en toe worden onderbroken door een huis of schuur. Hier is de ochtend vaak in mist gehuld, en quilts die aan waslijnen wapperen zijn een vertrouwd beeld. In dit plaatsje dat bekendstaat als Gee’s Bend (officieel heet het Boykin), betekent traditie het doorgeven van een quiltkunst waarmee de vrouwen en hun voorouders wereldwijd naam hebben gemaakt. Claudia Pettway Charley en Loretta Pettway Bennett, twee textielkunstenaressen uit de gemeenschap (geen familie van elkaar), hadden nooit kunnen bevroeden wat er zou voortkomen uit de tradities die hen ooit warm hielden.In 2002 opende het Whitney Museum of American Art de tentoonstelling The Quilts of Gee’s Bend, waarmee het museum de verhalen achter hun kunst een groter bereik wilde geven dan het opstapje van de veranda. Sindsdien hebben de werken van de kunstenaars hun weg gevonden naar het Metropolitan Museum of Art, naar vermaarde privécollecties, en nu ook naar Ralph Lauren's nieuwste 'Artist in Residence'-samenwerking.Quilten is bij uitstek een Amerikaanse kunstvorm en maakt al decennialang deel uit van het ontwerp-DNA van Ralph Lauren. Een samenwerking met de bekende kunstenaars van Gee’s Bend voelde dan ook als een logische volgende stap om het erfgoed te vieren dat het land vormt. De samenwerking tussen Ralph Lauren en Gee's Bend zet het werk van Charley en Bennett in de schijnwerpers, twee hoofdrolspeelsters binnen een van de meest invloedrijke artistieke gemeenschappen van Amerika. De limited-edition collectie, bestaande uit kleding en woonaccessoires, maakt deel uit van het Artist in Residence-programma van Ralph Lauren: een samenwerking met ambachtslieden van wie het werk generaties lang culturele tradities heeft gevormd – waarbij hun stem en hun authentieke producten en verhalen centraal staan.
“De vrouwen zaten altijd te quilten. Ze lieten de quilts luchten en konden zo hun werk zien. Het was een manier voor de vrouwen in de gemeenschap om samen te komen en te praten, hun verhalen te vertellen en te zingen rond de quiltframes.”
Deze samenwerking is een samensmelting van generaties vakmanschap en Amerikaanse vindingrijkheid, en een erkenning dat creativiteit overal in het land te vinden is – in het bijzonder ook in kleinere plaatsen. Het is ook een voortzetting van Ralph Lauren's doorlopende initiatief 'Ontwerpen met intentie', een belangrijk onderdeel van het design- en creatieve proces dat echte partnerschappen tot stand laat komen met de gemeenschappen waar wij onze inspiratie uit putten.Tijdens gezamenlijke ontwerpsessies met Ralph Lauren maakten de kunstenaars originele quiltdekens van afgedankte Ralph Lauren-producten, die de basis vormden voor de collectie. Zo zetten ze hun traditie van het upcyclen van tweedehands stukken voort. Kenmerkende ontwerpelementen van Gee’s Bend, zoals opvallende asymmetrie, zichtbare stiksels en een geïmproviseerde compositie, komen in de collectie goed tot hun recht. Katoen en linnen zijn in de hele collectie verwerkt, maar de samenwerking is geworteld in een andere hoeksteen van de Amerikaanse cultuur – die al lang centraal staat in zowel de ontwerpfilosofie van Ralph Lauren als in de quilts van Gee’s Bend: denim.“Ik ben altijd dol geweest op denim, omdat het me aan kracht en duurzaamheid doet denken”, zegt Bennett, die de stof al jaren in haar werk gebruikt. “Een quilt kan heel lang meegaan als je er goed voor zorgt.”Wat ooit een praktisch tijdverdrijf was voor de gemeenschap, is uitgegroeid tot een belangrijk voorbeeld van Amerikaans vakmanschap en een belangrijke inspiratiebron voor Ralph Lauren. Maar achter die lappendeken van geschiedenis schuilt een eenvoudiger verhaal over familie en saamhorigheid. “De vrouwen waren altijd aan het quilten”, zegt Charley, een textielkunstenares van de vierde generatie uit een familielijn van ambachtslieden. “Ze lieten de quilts luchten en konden zo hun werk laten zien. Het was een manier voor de vrouwen in de gemeenschap om samen te komen en te praten, hun verhalen te vertellen en te zingen rond de quiltframes.”
Quilten ging in Gee's Bend oorspronkelijk niet om kunst; de traditie gaat terug tot de jaren 1860, waarvan Dinah Miller wordt gezien als de vroegst bekende quiltmaakster. “Vroeger waardeerden we de quilts niet echt. We maakten ze gewoon om ons warm te houden”, zegt Bennett, wiens oma de traditie aan haar heeft doorgegeven. Net als het koken, dat ze ook van haar oma leerde, behoorde het quilten tot de belangrijkste dingen die vrouwen in de gemeenschap deden om voor hun gezin te zorgen. Quilts waren bescherming tegen de kou, en iets om de tijd mee te doden tijdens lange zomerdagen als de katoenplanten in het groeiseizoen zaten en nog geen verzorging nodig hadden.Toen mensen de kunstenaars begin jaren 2000 begonnen op te zoeken en naar de streek kwamen op zoek naar quilts, nadat hun werk bredere bekendheid had gekregen, wist Charley dat de quilts meer betekenden dan puur warmte en tijdverdrijf. “Er was niet veel werk in Gee’s Bend”, zegt ze over de gemeenschap die al lange tijd draaide op landbouw en quiltkunst, hoewel de afgelegen ligging ervoor zorgde dat geen van beide tot groot commercieel succes uit kon groeien. “Het was de eerste keer dat de vrouwen wat inkomen konden verdienen door quilts te verkopen, dus het kreeg een heel andere betekenis.” Om Ralph Lauren's betrokkenheid bij de gemeenschap te versterken, gaat vijf procent van de nettoverkoopprijs van de Ralph Lauren x Gee's Bend-collectie naar het programma tegen hongerbestrijding van het Equal Justice Initiative, waarmee directe hulp wordt geboden aan gezinnen in Alabama met een laag inkomen.Hoewel hun redenen om te quilten mee zijn gegroeid met de vraag, spreken de kunstenaars van Gee's Bend nog steeds hun eigen beeldtaal – een taal die cultuur verweeft met krachtige geometrische composities, verhalen in abstracte kunst, en kleur die het geheel tot leven brengt. Ze hebben altijd kunst gemaakt van functionele materialen die voor handen waren. En het lukte hen altijd al om hergebruikte materialen uitgesproken eigentijds te maken. Vaak was gedoneerde kleding het materiaal, maar het ging erom kunst te zien in het alledaagse en kansen te grijpen waar die zich ook maar aanboden.
Charley speelt misschien niet meer met haar poppenhuis, maar als ze nu naar het quiltframe gaat, draait het nog steeds om verbeelding en gevoel. “Als ik aan een quilt begin, bepaalt mijn gevoel eigenlijk het ontwerp”, zegt ze. Haar werk begint in het midden en groeit geleidelijk. Van daaruit neemt haar intuïtie het over en ontwikkelen de stukken zich op een organische manier. Als ze zich goed voelt, duiken er mogelijk fellere kleuren op. Als het even wat minder gaat, neemt ze een pauze of draait ze de quilt om, om de dingen vanuit een nieuw perspectief te bekijken. Samengevat omschrijft Charley haar werk als een bron van inspiratie. “Iedereen die ernaar kijkt, om welke reden dan ook, zou hun eigen verhaal moeten hebben over wat hij of zij erbij voelt.”'Spannend' is hoe Bennett haar werk omschrijft. Haar stukken hebben hun weg gevonden naar grote kunstinstellingen zoals het Metropolitan Museum of Art, en staan zelfs op Amerikaanse postzegels ter ere van de Gee’s Bend-quilts. Haar werk is uitgesproken en grafisch en trekt de kijker meteen naar zich toe. “Ik vind het leuk dat het je kan betoveren als je ernaar kijkt. Je kunt je ogen er niet van afhouden”, zegt ze. Bennetts grootste invloed kwam van haar moeder en haar tante Lucy T. Pettway, wiens ‘housetop’-quilt in The Met hangt. “Mijn tante Lucy kon elk patroon maken, elke quilt die ooit is ontworpen. Ik noemde haar de G.O.A.T.”, zegt ze.Hoewel hun moeders en grootmoeders er misschien niet meer zijn, leven hun tradities voort in de plattelandsgemeenschap die de kunst van het quilten nog steeds grotendeels op dezelfde manier benadert als hun voorouders dat deden.
Quilten ging in Gee's Bend oorspronkelijk niet om kunst; de traditie gaat terug tot de jaren 1860, waarvan Dinah Miller wordt gezien als de vroegst bekende quiltmaakster. “Vroeger waardeerden we de quilts niet echt. We maakten ze gewoon om ons warm te houden”, zegt Bennett, wiens oma de traditie aan haar heeft doorgegeven. Net als het koken, dat ze ook van haar oma leerde, behoorde het quilten tot de belangrijkste dingen die vrouwen in de gemeenschap deden om voor hun gezin te zorgen. Quilts waren bescherming tegen de kou, en iets om de tijd mee te doden tijdens lange zomerdagen als de katoenplanten in het groeiseizoen zaten en nog geen verzorging nodig hadden.Toen mensen de kunstenaars begin jaren 2000 begonnen op te zoeken en naar de streek kwamen op zoek naar quilts, nadat hun werk bredere bekendheid had gekregen, wist Charley dat de quilts meer betekenden dan puur warmte en tijdverdrijf.“Er was niet veel werk in Gee’s Bend”, zegt ze over de gemeenschap die al lange tijd draaide op landbouw en quiltkunst, hoewel de afgelegen ligging ervoor zorgde dat geen van beide tot groot commercieel succes uit kon groeien. “Het was de eerste keer dat de vrouwen wat inkomen konden verdienen door quilts te verkopen, dus het kreeg een heel andere betekenis.” Om Ralph Lauren's betrokkenheid bij de gemeenschap te versterken, gaat vijf procent van de nettoverkoopprijs van de Ralph Lauren x Gee's Bend-collectie naar het programma tegen hongerbestrijding van het Equal Justice Initiative, waarmee directe hulp wordt geboden aan gezinnen in Alabama met een laag inkomen.Hoewel hun redenen om te quilten mee zijn gegroeid met de vraag, spreken de kunstenaars van Gee's Bend nog steeds hun eigen beeldtaal – een taal die cultuur verweeft met krachtige geometrische composities, verhalen in abstracte kunst, en kleur die het geheel tot leven brengt. Ze hebben altijd kunst gemaakt van functionele materialen die voor handen waren. En het lukte hen altijd al om hergebruikte materialen uitgesproken eigentijds te maken. Vaak was gedoneerde kleding het materiaal, maar het ging erom kunst te zien in het alledaagse en kansen te grijpen waar die zich ook maar aanboden.Charley speelt misschien niet meer met haar poppenhuis, maar als ze nu naar het quiltframe gaat, draait het nog steeds om verbeelding en gevoel. “Als ik aan een quilt begin, bepaalt mijn gevoel eigenlijk het ontwerp”, zegt ze. Haar werk begint in het midden en groeit geleidelijk. Van daaruit neemt haar intuïtie het over en ontwikkelen de stukken zich op een organische manier. Als ze zich goed voelt, duiken er mogelijk fellere kleuren op. Als het even wat minder gaat, neemt ze een pauze of draait ze de quilt om, om de dingen vanuit een nieuw perspectief te bekijken. Samengevat omschrijft Charley haar werk als een bron van inspiratie. “Iedereen die ernaar kijkt, om welke reden dan ook, zou hun eigen verhaal moeten hebben over wat hij of zij erbij voelt.”'Spannend' is hoe Bennett haar werk omschrijft. Haar stukken hebben hun weg gevonden naar grote kunstinstellingen zoals het Metropolitan Museum of Art, en staan zelfs op Amerikaanse postzegels ter ere van de Gee’s Bend-quilts. Haar werk is uitgesproken en grafisch en trekt de kijker meteen naar zich toe. “Ik vind het leuk dat het je kan betoveren als je ernaar kijkt. Je kunt je ogen er niet van afhouden”, zegt ze. Bennetts grootste invloed kwam van haar moeder en haar tante Lucy T. Pettway, wiens ‘housetop’-quilt in The Met hangt. “Mijn tante Lucy kon elk patroon maken, elke quilt die ooit is ontworpen. Ik noemde haar de G.O.A.T.”, zegt ze.Hoewel hun moeders en grootmoeders er misschien niet meer zijn, leven hun tradities voort in de plattelandsgemeenschap die de kunst van het quilten nog steeds grotendeels op dezelfde manier benadert als hun voorouders dat deden.“Er zijn bepaalde ontwerpen die altijd al aan Gee's Bend worden toegeschreven, en we blijven diezelfde patronen of afbeeldingen gebruiken en maken meer variaties op die stijlen,” zegt Charley. Het iconische ‘housetop’-quiltpatroon, en de lay-outs met blokken en stroken, behoren tot de ontwerpen die uniek zijn voor de textielkunstenaars van Gee’s Bend. “We hoeven het wiel niet opnieuw uit te vinden. Het werkt voor ons precies zoals het is.”
Stukken uit Gee's Bend zijn van het soort dat je doorgeeft, dat in bruidskisten belandt, dat verhalen meegeeft aan kleinkinderen en hun kinderen. De eerste quilt die Bennett ooit maakte – een bloementuinpatroon dat te ingewikkeld was voor haar 12-jarige handen, maar niet voor haar vechtlust – ging naar haar broer en werd vanaf daar doorgegeven, scheef en al, vertelt ze. De wederzijdse inspiratie die centraal staat in de samenwerking met Ralph Lauren is een verhaal op zich dat de kunstenaars kunnen doorgeven aan de kinderen van hun kleinkinderen; een verhaal over kunst, maar bovenal over veerkracht.Voor Charley gaat de samenwerking niet zozeer om de stukken zelf, maar meer om wat ze vertegenwoordigen: bredere erkenning voor generaties kunstenaars die al lange tijd invloed hebben op de Amerikaanse ambachtskunst. “Dat [Ralph Lauren] langskomt om naar onze verhalen te luisteren, meer wil weten over wie we zijn en wat we doen, en dat gewoon in zich opneemt, dat is een geweldig gevoel”, zegt ze.Dat gevoel is vertaald naar een collectie met quilts en dekens die doen denken aan de exemplaren waarmee generaties inwoners van Gee’s Bend hun gezin warm hielden, een jack waarin kunst en stijl samenkomen en die de kenmerkende uitstraling van Gee’s Bend op een nieuwe manier tot leven brengt, en een handtas die zowel de verhalen van de kunstenaars als die van de drager met zich meedraagt.Meer dan de stof, de duurzaamheid en het erfgoed waar deze afgelegen gemeenschap in Alabama inmiddels om bekendstaat, wil Charley dat mensen beseffen dat wat ze in zich dragen waardevol is, ook als het – net als bij de quilts van Gee’s Bend – tijd kost om tot die erkenning te komen.“Je weet nooit wanneer iets in jezelf ontdekt kan worden en tot iets moois kan ontpoppen”, aldus Charley, terwijl ze zich inbeeldt hoe gezinnen tijdens het avondeten bij elkaar zitten en eten delen van het servies dat ook deel uitmaakt van de Ralph Lauren x Gee’s Bend-collectie. “Als ik aan de quilts denk en de warmte die ze bieden, draaide het voor ons vooral om overleven, terwijl het nu betekent dat je een stukje van onze geschiedenis in handen hebt. Of ze het nu zelf gebruiken of aan de muur hangen, hopelijk kunnen ze er hun eigen verhaal aan verbinden en stilstaan bij wat ze voelen wanneer ze ernaar kijken. Er valt zoveel te vertellen over wat er in Gee’s Bend allemaal is gebeurd en hoe het is geworden tot wat het nu is.”“We hebben een talent geërfd, een traditie”, voegt Bennett toe. Voor haar vertellen de stukken in deze collectie een verhaal over het verleden – en nu óók over het heden. “We zijn er nog steeds.”
TARA DONALDSON is schrijfster en redacteur op het gebied van mode, cultuur en lifestyle. Ze is de voormalige hoofdredacteur van WWD, en in haar werk onderzoekt ze stijl als een vorm van auteurschap, identiteit en culturele expressie die verder gaat dan trends en catwalks. Ze is co-auteur van Black in Fashion: 100 Years of Style, Influence & Culture.
Meer van
Cultuur
Thuiskomen
Een nieuwe Home-collectie verkent de energie van nostalgie. Geef uw interieur een metamorfose met calicoprints en kussenslopen met ruches.